De geboorte van zoon Raphaël was een snelle geboorte en duurde – toen het doorzette – een uur of 3. Ik had destijds het voordeel dat ik in de buurt van Den Haag werkte en binnen een kleine 20 minuten op plaats van bestemming kon zijn. Nu moet ik een kleine 45 minuten rijden en ik ben dan ook blij als Romy me op vrijdagavond appt dat het wat rommelt.

Mooi, met een weekend voor de boeg hoef ik me in ieder geval geen zorgen te maken over files. Om half 11 ‘s avonds laat Romy weten dat de vliezen zijn gebroken en dat ze de slijmprop is verloren, maar dat ze geen weeën heeft en gewoon rustig op bed ligt. De gebroken vliezen maken mij wat nerveus en ik benadruk nog een keer dat ze echt moeten bellen als ze binnen een kwartier geen reactie hebben gekregen, ook al is het midden in de nacht.

Het valt me ineens op dat de auto weg is.

Die nacht word ik een paar keer wakker en check m’n telefoon, maar er komen geen berichtjes. Het zal toch niet zo zijn dat de weeën niet uit zichzelf op gang komen en Romy naar het ziekenhuis moet om te worden ingeleid. Ik gun haar zo die gewenste thuisbevalling, in bad, met haar 2 andere kindjes in de buurt. Iets na 10 uur komt het verlossende woord van Remon ‘De eerste weeën zijn begonnen.’ Ze komen al om de 3 minuten, dus ik stel voor om alvast te gaan rijden. Ik eet nog snel een boterham en terwijl ik voor het keukenraam sta valt me ineens op dat de auto weg is. Neeee, niet nu! Ik bel mijn man ‘Waar ben je?’ en hij laat weten dat hij binnen 12 minuten thuis is. Het zou toch niet gebeuren dat ik een geboorte ga missen, omdat mijn man had bedacht om gehaktballen te gaan halen bij die ene slager 2 dorpen verderop.

10 minuten later spring ik in de auto en rijd dit maal niet als die keurige weggebruiker richting Den Haag. Onderweg krijg ik nog een opbeurend berichtje van Remon ‘het gaat hard’ en ik trap mijn gaspedaal nog net even wat enthousiaster in. Met wind mee haalt mijn koekblik autootje makkelijk 140 en als ik de straat van bestemming in rijd zie ik dat ik 4 minuten heb gewonnen. En die zouden best eens essentieel kunnen zijn.

‘Is er al een baby?’

De moeder van Remon doet open en wijst naar boven. ‘Nog geen baby?’ vraag ik hoopvol en ze schudt haar hoofd. Gelukkig, ik ben in ieder geval op tijd. Wanneer ik de slaapkamer binnen kom zie ik Romy in bad zitten. Op dat moment heeft ze een wee en zo te horen is hij behoorlijk pittig. Ze zucht haar wee niet weg, maar ze ‘prrrrrrrrrr’t’ hem weg. Maar het maakt helemaal niet uit, want dit is de manier die voor Romy past. Ik maak eerst wat foto’s voordat ik de andere camera op statief zet. Romy had aangegeven dat ze het geboortemoment zelf weer graag gefilmd had. Nu zit Romy nog op handen en knieën, maar de verloskundige vraagt Romy of ze straks kan omdraaien zodat ze het kindje makkelijker aan kunnen pakken. Ik zet de camera dus aan de andere kant van het bad, zodat deze alvast klaar staat voor ‘het’ moment.

‘Ik zie hem al… Hij komt al.’

Romy heeft flink last van haar rug, niet alleen tijdens de weeën, maar ook tussendoor. Remon geeft dan ook constant tegendruk op haar onderrug en dat brengt verlichting ‘Dankjewel schat, dat is fijn.’ Tussen de weeën door spreekt Romy zichzelf bemoedigend toe ‘Kom, lichaam, je kunt het, je kunt het. ‘ En ‘Ah, wat fijn, even wat langer rust tussendoor, nog even ontspannen’. Het is voor mij de tweede keer dat ik bij de geboorte aanwezig mag zijn, en ook deze keer voel ik de zachtheid, warmte en liefde tussen Romy en Remon. De verloskundige luistert nog een keer naar het hartje, maar het duurt even voordat deze zich laat vangen. Je moet ook heel goed luisteren om het herkenbare geluid ergens in de verte te kunnen horen. En dan is daar alweer die volgende wee. Romy draait snel weer op handen en knieën en aan het geluid te horen heeft Romy al echt persdrang. ‘Je mag wel wat met je lichaam mee gaan geven’, zegt de verloskundige, ‘Als je voelt dat je mee wilt drukken, dan geef je daar gewoon gehoor aan.’ En de volgende wee doet Romy dat ook. Ik zie de verloskundige opzij kijken naar de kraamhulp. ‘Ik denk VO (volledige ontsluiting)’ en de kraamhulp knikt. En nog geen halve minuut later zegt de kraamhulp ‘ik zie hem al, hij komt al’. Ik heb geen tijd meer om naar de andere camera te lopen en deze aan te zetten, dus ik blijf op mijn krukje staan om het moment te vangen. De verloskundige zegt tegen Romy ‘pak ‘m zelf maar aan’ en ik spring van mijn krukje af en ren naar de zijkant van het bad om dat moment ook te kunnen vastleggen. Oh, wat gaat het ineens snel.

Lewis Hamilton

7 minuten nadat ze ‘officieel’ begon met persen pakt Romy, om 11:37 uur haar zoon aan. Net als vorige keer is de ontlading groot, maar nog voordat ze helemaal is bijgekomen roept ze al naar beneden ‘Rebecca, Raphaël, kom snel, jullie broertje is geboren’. Grote zus en broer staan binnen no-time boven, beiden met een grote glimlach en een enorme nieuwsgierigheid. Hoe gaat de kleine man heten, vraag de verloskundige? ‘Lewis Hamilton’, antwoord Raphaël ad rem. ‘Nee’, zegt Romy. ‘Ruben. Ruben Lewis.’ Nadat ze even hun kleine broertje hebben kunnen bewonderen gaan ze weer naar beneden, zodat Romy rustig uit bad kan komen en op bed kan gaan liggen. Daar wordt om 11:52 uur de placenta geboren. De verloskundige laat deze aan Romy en Remon zien. ‘Voel eens hoe stug het vlies is’, zegt ze en Romy en Remon voelen beide. ‘Willen jullie de placenta nog bewaren?’, vraagt ze en Romy schudt haar hoofd. De placenta ligt al in de afvalbak wanneer Rebecca & Raphaël weer naar boven komen en aangeven dat ze ook nog ‘huisje van de baby’ willen zien. De verloskundige haalt de placenta weer tevoorschijn en legt broer en zus precies uit hoe de placenta in de buik zat en hoe hun kleine broertje daarin zat. Beide kijken geïntrigeerd toe en willen zelfs nog het vlies voelen.

Daarna wordt de kleine Ruben gewogen en met zijn 3460 gram zit hij qua gewicht precies tussen grote broer en zus in. Remon’s moeder komt daarna boven met beschuit met muisjes. Dat laten Rebecca en Raphaël zich geen tweede keer zeggen. En ook de cadeautjes worden enthousiast ontvangen. In de eerste plaats het best sister, best brother t-shirt, maar die snoepzak met al dat lekkers is uiteraard helemaal het einde. ‘Jullie mogen er eentje per dag’, zegt Romy en in de minuten erna herhaalt ze dat nog een keer of 3. Begrijpelijk, want dat roze, witte en blauw glanzende snoepgoed is natuurlijk zo verleidelijk. Het knipoogt bijna in die doorzichtige puntzak. Ook Rebecca en Raphaël hebben cadeautjes en Romy neemt ze dankbaar in ontvangst. Raphaël vraagt of hij zijn kleine broertje mag vasthouden, maar omdat Ruben’s temperatuur wat aan de lage kant is moet hij nog even wachten. En dat valt niet mee, want op dit moment heeft hij al maanden moeten wachten.

Eindelijk zijn broertje in z’n armen.

Terwijl Romy even onder de douche gaat, mag Ruben lekker huid op huid bij papa. Deze keer veilig met een luier, want het poep avontuur van vorige keer stond zeker niet op de herhalingslijst. Remon geniet zichtbaar van het één op één en huid op huid moment met zijn pasgeboren zoon. Ruben is ondertussen druk op zoek naar de borst. ‘Tja, je zult even moeten wachten totdat mama terug is, want dit kan ik je niet bieden’, zegt hij met een glimlach. Wanneer Romy weer terug is van haar ik-mocht-er-helemaal-niet-langer-onder douche legt ze Ruben meteen weer aan. Bij de eerste keer aanhappen twijfelt ze even of het goed is gegaan omdat het niet aangenaam voelt, maar de kraamhulp is resoluut en zegt ‘als het niet goed voelt, dan is het ook meestal niet goed’, en ze helpt Romy bij de tweede aanleg poging. ‘Ah ja, dit voelt een stuk beter’, zegt Romy direct. De kraamhulp wil nog even de temperatuur meten van Ruben, zojuist was deze met 35.8 graden wat aan de lage kant. ‘Oh, hij heeft al gepoept’, roept ze uit. Lang leve de luier. ‘Wij hebben wat met poep. De eerste poepte in het vruchtwater, de tweede poepte binnen het uur papa onder en nu was ik zelf onder gepoept als hij geen luier aan had gehad’, zeg Romy. Remon heeft de kleine man goed warm gestookt, want zijn temperatuur is goed en dat betekent dat Rebecca en Raphaël hun broertje eindelijk mogen vasthouden. Eerst mag grote zus en Raphaël zit wat beteuterd te kijken, nou moet ie nog langer wachten ;-). Maar dan eindelijk, heeft ook hij het broertje in zijn armen.

Echt de laatste.

Remon heeft ondertussen de routine weer opgepakt en is druk in de weer met het bevalbad. De plastic hoes die er normaal in gaat was hij vergeten, dus het bad moet nu helemaal schoon gemaakt worden. Grappig om te zien dat het bevalbad de halve badkamer in beslag neemt. Voordat we afscheid nemen (‘Dit is echt de laatste, hoor’ zegt Romy) neemt de kraamhulp nog een foto. Rare gedachte eigenlijk dat je afscheid gaat nemen met het besef dat je elkaar waarschijnlijk niet meer gaat zien. Als geboortefotograaf mag je delen in een van de persoonlijkste en intiemste momenten en dat schept toch een band. Ik troost me met de gedachte dat de momenten die ik met deze mensen heb mogen delen een groot voorrecht waren en dat ik ze voor altijd mee zal dragen in mijn hart. Het ga jullie goed, lieverds!

De zorgverleners op onderstaande foto’s is onherkenbaar in beeld gebracht i.v.m. privacy.

Geboortefotografie Rijswijk
Geboortereportage Rijswijk
Geboortefotograaf Rijswijk
Badbevalling fotografie
Thuisbevalling fotografie
Bevallingsfotografie Rijswijk
Bevallingsfotograaf Rijswijk
Bevallingsreportage Rijswijk
Geboortefotografie Zuid Holland
Geboortereportage Zuid Holland
Geboorfotografie thuisbevalling

Wil je meer infomatie over een geboortereportage of geboortefotografie in het algemeen? Kijk dan verder op deze pagina.